1. Hang geen adreslabels aan uw huissleutels. Stel dat u ze verliest.
2. Bewaar uw tuingerief en gereedschap zoals ladders, koevoet, hamer achter slot en grendel.
3. Doe altijd uw deuren op slot en uw ramen dicht. Ook al gaat u maar even weg. Vergeet zeker de achterdeur niet want 70 % van de inbrekers gebruikt deze toegang om in uw huis te geraken.
4. Plaats veiligheidssloten op uw buitendeuren. Hebt u een cilinderslot: zorg dan voor een kwalitatief cilinderslot waarvan de cilinder minder dan 2 mm buiten het bouwbeslag uitsteekt of zorg voor een rozet. Installeer buiten een lamp met sensor die aangaat wanneer iemand uw eigendom betreedt.
5. Schaf een alarm aan dat in verbinding staat met een meldkamer. Geen geld voor een echt alarm? Installeer dan een fake-alarm. De dief zal twijfelen en toch al eerst twee keer nadenken vooraleer hij aan uw woning begint.
6. Een preventietip uit de oude doos. Hebt u een schuifraam? Leg dan een staaf (bijv. een bezemsteel) ter breedte van het openschuivende gedeelte in het raamkader.
7. De garage is ook een geliefkoosde plaats voor inbrekers om binnen te geraken. Doe ze dus altijd goed op slot (ook al bent u maar 10 minuutjes weg) en hoed je voor ongewenste blikken. Een dure koersfiets of moderne grasmaaier trekt alle aandacht.
9. Beperk de vluchtweg en sluit bijvoorbeeld de poort zodat de inbreker zijn voertuig niet tot aan uw huis kan rijden en zo makkelijk de buit kan inladen.
10. Bewaar waardevolle voorwerpen zoals juwelen, obligaties, … niet in uw slaapkamer. Bewaar ze best in een kluis. Of waarom niet op een plaats waar ze het niet verwachten? Zoals bijvoorbeeld in het berghok onder de doos met wasspelden?